Didactisch doortoetsen: Wat, waarom en hoe?

Didactisch doortoetsen: Wat, waarom en hoe?

Intelligentieonderzoek voor hoogbegaafde kinderen is een mooi middel om duidelijkheid te krijgen over hun behoeften. Het geeft echter nog geen zicht op sommige onderwijsbehoeften, zoals de optie om te versnellen of de reden waarom lesstof op bepaalde gebieden moeilijker geleerd wordt. Om hier wel een antwoord op te kunnen geven is didactisch onderzoek nuttig. Hiermee bedoelen wij zowel door- als terugtoetsen om een mooi beeld te krijgen van de didactische ontwikkeling van een kind. Ik merk dat er vaak nog weerstand is om dergelijk onderzoek te doen en dat mensen niet altijd weten wat het is en waarom het nuttig is. Daarom een korte inleiding in didactisch onderzoek (voor het gemak noem ik het in dit artikel doortoetsen, maar daar bedoel ik didactisch onderzoek mee).

Wat is didactisch onderzoek?

Met een didactisch onderzoek bepaal je het didactische niveau van een kind. Dit houdt in dat je kijkt naar de vaardigheden die een kind heeft op spelling, lezen en rekenen (soms wordt ook begrijpend lezen toegevoegd). Dit kun je doen met cito materiaal, maar er zijn ook andere methodes. De prestaties die een kind haalt op zo’n test worden uitgedrukt in Didactische Leeftijds Equivalent (DLE) scores. Dit geeft weer op welk klassenniveau een kind presteert, welke vaardigheden hij dus heeft en voor welke groep die vaardigheden gemiddeld zijn. Een DLE score van 25 betekent dat de vaardigheden die een kind laat zien, normaal zijn voor een kind dat 25 maanden onderwijs heeft gehad (geteld vanaf groep 3), dus midden groep 5.

Bij reguliere cito toetsen krijg je ook een DLE score. Dit is echter een andere weergave van de vaardigheden dan bij didactisch onderzoek. De DLE score die je uit reguliere cito’s krijgt, is een weergave van hoeveel hoger je op die specifieke cito-toets scoort. Je kunt hierbij ook een DLE score krijgen dat hoger ligt dan de lesstof die getoetst wordt, wat onduidelijk kan zijn als er sprake is van een grote voorsprong. Dan wordt er bijvoorbeeld gesteld dat een kind uit groep 5 een beheersingsniveau eind groep 7 heeft, terwijl de lesstof van groep 6 en 7 niet in die toets zijn gemeten. Misschien maakt een plaatje dit duidelijker:

 

DLE plaatje.png

Dan heb je in de reguliere cito’s ook nog de ABCDE en I/II/III/IV/V scores, die zeggen eigenlijk nog minder over het werkelijke didactische niveau van een kind dan de cito DLE’s. Die zeggen enkel op welk percentage van de groep het kind heeft gescoord (bijvoorbeeld een A score staat voor de hoogste 25% en een I score voor de hoogste 20%). Dit zegt niks over welke vaardigheden een kind heeft en hoeveel verder een kind is dan het klassenniveau.

Met didactisch onderzoek kijk je naar gedrag en strategiegebruik van een kind, waardoor je kunt kijken naar deelvaardigheden en de beheersing van lesstof ook observeert. Hiernaast kijk je naar het absolute plafond van een kind, dus je toetst in sommige gevallen ook verder dan de lesstof die een kind in de klas aangeboden krijgt. Zo kun je zien of een kind dingen beheerst, die je in de klas nog niet van hem gevraagd hebt. Ook is het hierbij belangrijk om goed te kijken op welke manier een kind lesstof beheerst. Vaak zien we dat kinderen die zichzelf lesstof hebben aangeleerd ook eigen strategieën hebben aangeleerd en moeten we goed kijken of deze op lange termijn handig blijven.

Waarom doortoetsen?

Niet in alle gevallen hoeft een kind doorgetoetst te worden. Het startpunt om door te toetsen is de twijfel die er kan zijn of de reguliere lesstof die wordt aangeboden wel passend is. Als een kind bijvoorbeeld thuis andere dingen laat zien dan op school, hele hoge scores behaalt of na extra hulp nog steeds lesstof niet blijft snappen. Dan is het fijn om een inhoudelijk beeld te hebben van de didactische vaardigheden van dit specifieke kind.

Wanneer je overweegt om te versnellen is doortoetsen erg belangrijk. Om passend te kunnen versnellen is inzicht nodig in de lesstof van de volgende groep(en) en in hoeverre een kind dit beheerst. Anders loop je het risico dat de versnelling alsnog onvoldoende uitdagend is of dat een kind juist overschat wordt in zijn vaardigheden. Juist kinderen die ver voorlopen in de lesstof hebben dit zichzelf vaak aangeleerd en dan is het belangrijk om te weten of hun manier van aanpak aansluit bij de methode van de volgende groep. Mocht dit niet het geval zijn, dan kun je de informatie uit het doortoetsen ook gebruiken om een goed plan te maken.

Ook is het interessant om didactisch onderzoek te doen als er twijfels zijn over de vaardigheden van een kind of als er een achteruitgang in resultaten is. Hierbij wil ik benadrukken dat didactisch achteruit gaan niet mogelijk is. Wanneer een kind dus eerder beheerste vaardigheden opeens niet meer laat zien of een aanzienlijk lagere DLE score krijgt op een cito, is het uitermate belangrijk om te kijken naar de reden waarom deze situatie zo is zoals hij is. In plaats van te stellen dat een kind iets niet meer kan. De basisvaardigheden van rekenen, lezen en spelling kunnen niet ‘ontleerd’ worden nadat ze eenmaal geleerd zijn.

Hoe doortoetsen?

Afgeleid uit mijn verhaal, wil ik dus stellen dat doortoetsen echt gericht moet zijn op vaardigheden en niet simpelweg op DLE, ABCDE of I/II/III/IV/V scores. Dan krijg je niet simpelweg inzicht in het plafond van de vaardigheden van een kind, maar vooral in de specifieke manier waarop een kind voorloopt. Het liefst heb je uiteindelijk een lijst met leerdoelen die wel behaald zijn, leerdoelen die in de zone van naaste ontwikkeling zitten en leerdoelen die nog niet behaald zijn. Dit kun je vanuit verschillende soorten toetsen halen. Het liefst gebruiken wij de School Vaardigheids Toetsen (SVT’s) van Boom uitgevers, maar er kan ook vanuit methodetoetsen, cito toetsen en eigen opgaven worden doorgetoetst als dat prettiger is. Zolang je maar overzicht houdt over de deelvaardigheden.

 

Zo krijg je een mooi inzicht in het lesaanbod dat een kind nodig heeft. Misschien is versnellen dan een optie en is dit vanuit het doortoetsen goed onderbouwd. Een rapportage van de doortoetsing lijkt mij altijd nodig, maar het zal per situatie verschillen hoe uitgebreid deze is. Zo ligt er een duidelijk plan om onderbouwd en constructief alle neuzen de goede kant op de laten wijzen.

Geen reactie's

Geef een reactie